MAAZO weg! En nu?
In het kader van de emancipatie van de onderklasse en hun participatie in de maatschappij is reeds voor WO II het opbouwwerk uitgevonden. De mensen moesten bij de hand genomen worden om een actieve rol in de samenleving te gaan vervullen. In Nederland is het opbouwwerk in de jaren ’50 van de grond getild.
Nu na ruim 50 jaar is het nog steeds niet gelukt om de massa actief bij de samenleving te betrekken. Het zijn nog steeds enkelingen die in een wijk of een buurt actief zijn. Deze zelfde mensen werpen zich ook vaak op als stem van de bevolking richting de overheid.
Het doel van het opbouwwerk, zoveel mogelijk mensen te betrekken bij de woonomgeving en hierin een actieve rol in te laten spelen, is klaarblijkelijk niet te bereiken. Waarom niet? Het zou kunnen zijn dat de meerderheid van de mensen gewoon hun eigen leven willen leiden en geen behoefte hebben om zich met alles en iedereen te bemoeien.
Bekend is ook het verschijnsel, dat de meeste mensen pas actief worden als er iets in hun leef- en woonomgeving gebeurt waardoor zij zich zorgen maken voor het hun vertrouwde leventje. Ook het belang van zichzelf of hun gezin/familie kan een reden zijn om actief te worden in vereniging (sport, speeltuin, enz) of andere organisatie (schoolbestuur, belangenverenigingen enz.).
Aan de ene kant hebben we dus te maken met een doelstelling, die het in zich heeft, dat het opbouwwerk een tijdelijk karakter dient te hebben. (Met allerlei vrouwenemancipatiegroepen is het traject wel zo verlopen. Na het bereiken van het doel werden ze veelal opgeheven.)
Aan de andere kant zien we dat de massa klaarblijkelijk geen behoefte heeft om gezellig mee te doen in de participatiegedachte. Je zou dit ook kunnen omschrijven als het falen van het opbouwwerk. Het kan ook het resultaat zijn van de ontkenning van de aard van de mensen. Velen hebben er domweg geen behoefte aan. Zolang ze tevreden zijn over hun leventje is dat ook niet erg.
Voor de toekomst wil de VVD een bureau dat bewoners ondersteuning biedt. In die optiek zal het vraaggestuurd werken. De VVD wil mensen niet dwingen om volop te participeren. Het activeren en mobiliseren van bewoners moeten we dan ook niet willen. Een bureau voor bewonersondersteuning moet bewonersgroepen faciliteren en helpen om zaken te organiseren, zover daar behoefte aan bestaat. Het stadsdeel zou ook gebruik van dat bureau kunnen maken om bewonersbijeenkomsten te organiseren in een buurt als er een heikel onderwerp aan de orde is in die buurt of als er bepaalde ontwikkelingen in de planning staan.
Het genoemde bureau zou zich ook moeten bedienen van moderne communicatie- en participatie middelen zoals het Internet in al zijn facetten. Maak zaken interactief. Laat dit de “opbouwwerker” in de 21ste eeuw zijn.
Mensen en bestuurders moeten niet blijven hangen in de jaren ‘50 van de 20ste eeuw en stug blijven geloven in de maakbaarheid van de samenleving. De samenleving is gemoderniseerd en haar burgers bepalen zelf wel wat ze belangrijk vinden en wat ze doen.
26 november 2009