Interview met Yolanda Hoogtanders (kandidaat GR no. 4)

Wat is je persoonlijke achtergrond?

Ik ben 49 jaar en woon met mijn man en twee van onze vier kinderen in Amsterdam-Oost. De andere twee zijn al uit huis. Ik ben geboren en getogen in Limburg en heb in Tilburg algemene economie gestudeerd. Ik heb na mijn afstuderen bij KPMG gewerkt, een adviesbureau opgericht en ben een tijd interim-manager geweest. Nu ben ik directeur bij een sociaal werkbedrijf. Daarnaast ben ik commissaris bij een woningcorporatie en voorzitter van een raad van toezicht van een onderwijsinstelling.

Mijn vader heeft mij met de paplepel ingegoten dat ik me moest ontwikkelen, moest studeren in een tijd dat dat voor mij als vrouw in mijn katholieke milieu niet vanzelfsprekend was. Financiële onafhankelijkheid is heel belangrijk voor mij en ik probeer dat ook bij andere vrouwen over te brengen. Zodat vrouwen bijvoorbeeld ook na een scheiding Financieel zelfstandig kunnen blijven.

Wat zijn je drijfveren geweest de politiek in te gaan?

Mijn familie voorspelde vroeger al dat ik de politiek in zou gaan. Ik heb dat altijd uitgesteld omdat ik dacht dat dat voor iemand anders was. Nu heb ik het besluit genomen me toch kandidaat te stellen. Ik ben altijd maatschappelijk geëngageerd geweest. Jarenlang heb ik veel opdrachten voor de gemeenten gedaan, onder andere bij uitvoeringsorganisaties, en ook dicht bij het politieke bestuur gewerkt. Nu wil ik graag zelf aan de knoppen draaien. Ook omdat ik er wat van vind. 

Want laten we eerlijk zijn: we kunnen het in Amsterdam best een stukje beter. Er worden allerlei ideeën de wereld in geslingerd zonder dat iemand weet hoe het moet worden betaald of uitgevoerd. Aandacht voor uitvoering verslapt zodra een besluit is genomen. Als ik dat zie gaan mijn handen echt jeuken. 

Daarnaast vind ik het gewoon leuk om meerdere dingen naast elkaar te doen. Dat daagt me uit en geeft me energie. 

Wat wil jij de komende vier jaar beter doen?

Voor mij zijn twee dingen belangrijk. Ten eerste dat de uitgaven in het sociaal domein goed tegen het licht worden gehouden. Van de totale gemeentelijke begroting van ongeveer zes miljard gaat er ruim twee miljard naar het sociaal domein. Dat is de grootste uitgavenpost van de gemeente. Ik ben er heilig van overtuigd dat als meer mensen aan het werk gaan, de zorgkosten ook zullen dalen. Mensen voelen zich minder eenzaam, hebben een doel in het leven. 

Ten tweede moet de gemeente op een andere manier gaan sturen op de uitvoering. Ik heb in mijn werk te vaak gezien dat verschillende uitvoeringsorganisaties langs elkaar heen werken. Iedere organisatie zegt de regie te hebben, maar als het puntje bij paaltje komt voelt niemand zich eigenaar en krijgt iemand bijvoorbeeld niet de hulp of oplossing die hij nodig heeft. Dat is bij uitstek de verantwoordelijkheid van de gemeente: die stuurt uitvoeringsorganisaties aan, sluit contracten. Voordat er meer geld naar bijvoorbeeld de zorg gaat, zou ik eerst willen dat het geld beter wordt besteed. 

Hoe ervaar je de campagne?

Het is natuurlijk jammer dat we wat later van start konden door corona. Ik ben blij dat we weer de straat op mogen en debatten kunnen doen. Nu met de oorlog in Oekraïne is de sfeer ook meer ingetogen dan anders. We zullen geen ludieke acties doen. Toch is het ook erg gezellig om met een leuk team een paar uur te flyeren.